Spelregels
Hieronder vind je in een notendop de belangrijkste spelregels binnen floorball:
Wat mag wel bij floorball?
- de bal met beide kanten van je stick spelen
- de bal met je voeten/benen/lichaam stoppen
- de bal met je voeten naar je eigen stick spelen
- de bal met je lichaam beschermen (afhouden)
- buitenspel staan (er bestaat geen buitenspel)
- vanaf overal in het veld scoren
- de bal via de boarding spelen
- de bal achter het doel langs spelen
- continu spelers doorwisselen terwijl het spel doorgaat
- direct scoren vanuit een vrije slag of inslag
- schouderduw in strijd om de bal
Wat mag niet bij floorball?
- met je voeten scoren of passen naar een andere speler
- de bal met je hoofd/armen/handen spelen
- op de stick van de ander slaan
- stick van de ander liften of van boven blokken
- uitzwaaien met je stick boven heuphoogte (hoge stick)
- de bal boven kniehoogte met de stick uit de lucht halen (hoge stick)
- liggend/zittend of springend de bal spelen
- pushen bij een vrije bal
- de stick tussen de benen van de ander plaatsen
- als speler in het keepersgebied komen
- de tegenstander verhinderen naar de bal te lopen (obstructie)
- body checks
Meer weten?
![]() |
De officiële spelregels van floorball zijn opgegesteld door de Internationale Floorball Federatie (IFF). De Nederlandse Federatie voor Floorball en Unihockey (NEFUB) heeft hiervan een Nederlandse versie opgesteld. • Floorball - Rules of the game (IFF – Engelstalig) • Floorball – spelregels (NEFUB - Nederlandstalig) De spelregels zijn geldig van 1 juli 2006 tot 1 juli 2010.
|



















